De juiste V-snaar kiezen: opmeten, profielen, maten en codes

De juiste V-snaar kies je in drie stappen: bepaal het profiel (aan de bovenbreedte en hoogte), bepaal de lengte (met een touwtje, uit de hart-op-hart poelieafstand of uit de code op de snaar) en let op of je een klassieke of smalle uitvoering nodig hebt. Lees je de code van de oude snaar af, dan bestel je meestal direct. Let er wel op dat klassieke profielen in binnenlengte (Li) zijn gecodeerd en smalprofielen in werklengte (Ld/Lw). Meng nooit oude en nieuwe snaren en vervang bij meerdere snaren altijd de complete set.

Je V-snaar opmeten: drie betrouwbare methodes

Er zijn drie manieren om aan de juiste maat te komen. Welke je kiest hangt af van wat je bij de hand hebt: de machine, de oude snaar of alleen de code.

1. Meten met een touwtje

Een V-snaar opmeten is makkelijker dan het klinkt: leg een touwtje strak over de poelies heen, door de groeven, precies zoals de snaar loopt. Meet daarna de lengte van het touwtje en je hebt de binnenlengte (Li). Deze methode werkt ook als de oude snaar gebroken of verdwenen is. Heb je de oude snaar nog wel, dan kun je het touwtje ook strak langs de binnenomtrek van de snaar leggen, dat geeft dezelfde binnenlengte.

Bepaal daarnaast het profiel: meet de bovenbreedte (de breedste bovenzijde) en de hoogte van de oude snaar of van de poeliegroef, en zoek die op in de tabel verderop.

2. Rekenen met de hart-op-hart afstand

Wil je het rekenkundig aanpakken? Meet dan de hart-op-hart afstand (HOH) tussen de twee poelieassen en gebruik de vuistformule:

  • L ≈ 2 × HOH + ½ omtrek kleine poelie + ½ omtrek grote poelie

Wil je het nauwkeuriger? Reken dan met L = 2·HOH + π/2·(D+d) + (D−d)²/(4·HOH), waarbij D de grote en d de kleine poeliediameter is. Rond de uitkomst af op de dichtstbijzijnde standaardmaat en houd verstelruimte in de spanner aan.

3. De code op de snaar aflezen

De snelste route: lees de opdruk op de flank van de oude snaar. Die geeft het profiel (een letter of getal) plus de lengte. Let op dat die gecodeerde lengte niet voor elk profiel gelijk is gemeten:

  • Bij klassieke profielen is de gecodeerde lengte de binnenlengte (Li), bij oudere snaren soms nog in inches.
  • Bij smalprofielen (SP) is de gecodeerde lengte de werklengte (Ld, ook Lw) in millimeters.
Praktische tip: fotografeer de opdruk voordat je de snaar loskoppelt. Onleesbaar door olie en slijtage? Maak de flank schoon met een doek en ontvetter, dan komen de letters en cijfers vaak alsnog tevoorschijn.

Profielen: klassiek versus smal

Elk profiel wordt bepaald door de bovenbreedte × hoogte en heeft een flankhoek van 40°. Die hoek is geen toeval: de snaar wigt zich in de 40°-groef van de poelie en draagt de kracht over via wrijving op de flanken, niet op de bodem van de groef. Een snaar die te diep in de groef zakt, slipt en slijt versneld, dus een kloppend profiel is essentieel. Klassieke profielen (DIN 2215) zijn de oude standaard en worden vaak met hun bovenbreedte aangeduid: profiel 10, 13, 17 en 22. Smalle wigprofielen (DIN 7753 / ISO 4184) zoals SPZ, SPA en SPB zijn hoger ten opzichte van hun breedte, dragen meer vermogen bij dezelfde bovenbreedte en zijn de moderne vervanger. In de categorie V-snaren vind je beide uitvoeringen.

Bovenbreedte × hoogte, flankhoek 40° (DIN 2215 · DIN 7753 / ISO 4184)
ProfielBovenbreedteHoogteType
Z / 1010 mm6 mmKlassiek (DIN 2215)
A / 1313 mm8 mmKlassiek (DIN 2215)
B / 1717 mm11 mmKlassiek (DIN 2215)
C / 2222 mm14 mmKlassiek (DIN 2215)
D / 3232 mm19 mmKlassiek (DIN 2215)
E / 3838 mm23 mmKlassiek (DIN 2215)
SPZ9,7 mm8 mmSmal / wig (DIN 7753 · ISO 4184)
SPA12,7 mm10 mmSmal / wig (DIN 7753 · ISO 4184)
SPB16,3 mm13 mmSmal / wig (DIN 7753 · ISO 4184)
SPC22 mm18 mmSmal / wig (DIN 7753 · ISO 4184)

Ter referentie: de steek- of pitchbreedtes van de klassieke profielen zijn Z = 8,5 / A = 11 / B = 14 / C = 19 mm. Getande varianten dragen een X in de code: klassiek wordt dat ZX, AX, BX en CX; smal wordt dat XPZ, XPA, XPB en XPC (ook geschreven als SPZX, SPAX enzovoort). Ze hebben dezelfde bovenbreedte × hoogte als het basisprofiel. Daarnaast bestaan er speciale profielen, zoals AVX10 en AVX13 (getande automotive-snaren voor bijvoorbeeld ventilator en dynamo), 3L/4L/5L (lichte snaren voor tuin- en parkmachines) en AA/BB/CC (dubbele zeskantsnaren die aan beide zijden aandrijven).

Filteren in de webshop: codering, profiel en eigenschappen

In de categorie V-snaren filter je op Profiel, Codering en V-snaar eigenschappen. Het filter Profiel volgt de tabel hierboven: de meest voorkomende maten in het assortiment zijn de smalprofielen SPA, SPZ en SPB en de klassieke profielen 13 en 17, gevolgd door getande uitvoeringen als XPZ en XPA. Het filter V-snaar eigenschappen onderscheidt V-vormige (klassieke), trapeziumvormige (smalle) en getande snaren.

Het filter Codering geeft de productlijn van de fabrikant aan. Staat er op je oude snaar bijvoorbeeld "RED POWER 3" of "FO PIONEER", dan vind je via dit filter direct de juiste vervanger. De belangrijkste coderingen op een rij:

Veelvoorkomende coderingen en wat ze betekenen
CoderingWat het is
Optibelt VB / CONTI V DIN 2215Klassieke omwikkelde V-snaren (profiel 10, 13, 17, 22)
KKUniversele klassieke V-snaren zonder A-merk, voordelig alternatief
Optibelt SK / CONTI V DIN 7753Smalle wigsnaren (SPZ, SPA, SPB, SPC)
SKUniversele smalle V-snaren zonder A-merk
Optibelt SUPER XE-POWER PRO / CONTI FO PIONEERGetande smalle snaren met open flank (XPZ, XPA, XPB, XPC)
Optibelt RED POWER 3Onderhoudsvrije smalle snaar voor zware aandrijvingen, hoeft na montage niet nagespannen te worden
Optibelt MARATHON XGetande snaar gebouwd op extra lange levensduur bij zware belasting
Optibelt KB VB / KB SKKraftbanden: meerdere snaren verbonden met een dekband, voor meervoudige aandrijvingen die klapperen of omslaan
Optibelt VARIO POWERVariatorsnaren voor traploze (vario-)aandrijvingen
Optibelt TRUCK POWER TMAutomotive-snaren (AVX-profielen) voor ventilator, dynamo en waterpomp
Optibelt DKDubbele zeskantsnaren (AA/BB/CC) die aan beide zijden aandrijven
Optibelt RBRibbenbanden (PJ/PK/PL), platte snaren met lengteribben voor compacte aandrijvingen

Binnenlengte, werklengte en buitenlengte uit elkaar houden

Eenzelfde snaar kan drie verschillende lengtematen dragen, afhankelijk van waar je meet. Verwar je die, dan bestel je al snel een maat te kort of te lang. De drie maten, van kort naar lang:

  • Binnenlengte (Li): gemeten langs de binnenomtrek van de snaar. Dit is de maat die je met de touwtjes-methode meet en de maat waarin klassieke profielen zijn gecodeerd. Ook wel: inwendige lengte of inside length.
  • Werklengte (Ld of Lw): gemeten ter hoogte van de trekkoorden, de neutrale lijn in de snaar. Dit is de maat waarin smalprofielen zijn gecodeerd. Deze maat kent de meeste alternatieve benamingen: richtlengte, steeklengte, effectieve lengte, datumlengte, pitch length. Ook de codes Lp en Le kom je tegen.
  • Buitenlengte (La of Lo): gemeten langs de buitenomtrek van de snaar. Ook wel: uitwendige lengte of outside length.
CodeNederlandse termAndere benamingenGebruikt in code van
LiBinnenlengteInwendige lengte, inside lengthKlassieke profielen (Z/A/B/C/D/E, ofwel 10/13/17/22/32/38)
Ld (Lw)WerklengteRichtlengte, steeklengte, effectieve lengte, pitch length; ook Lp/LeSmalprofielen (SPZ/SPA/SPB/SPC)
La (Lo)BuitenlengteUitwendige lengte, outside lengthAanvullende opgave

De verhouding is altijd Li < Ld (Lw) < La. De onderlinge verschillen (offsets) zijn profielafhankelijk, omdat ze samenhangen met de dikte van de snaar. Een A-profiel A32 heeft bijvoorbeeld een binnenlengte Li van 813 mm en een werklengte Ld van 843 mm, een offset van +30 mm. De praktische regel: vergelijk snaren altijd op dezelfde lengtemaat, anders vergelijk je appels met peren.

Getande snaren: flexibeler, koeler, efficiënter

De X in een code duidt op een getande snaar: een snaar met ingefreesde dwarsgroeven (tanden) aan de onderzijde. Dat verschil in bouw levert een aantal concrete voordelen op:

  • Flexibeler: lagere buigweerstand, waardoor de snaar om kleinere poelie- en schijfdiameters kan dan een gladde snaar.
  • Koelere loop: de groeven voeren warmte beter af, wat de levensduur verlengt.
  • Hoger rendement: getande snaren lopen wat efficiënter dan gewikkelde, interessant waar energiebesparing telt.

Gewikkelde versus open flanken

Het verschil zit in de flanken. Een gewikkelde snaar heeft een omhullende weefsellaag rond de flanken: robuust en tolerant voor wrijving. Bij een snaar met open flanken ontbreekt die weefsellaag, waardoor het rubber direct op de poelie grijpt: betere grip, hoger rendement en een koelere loop. Een getande snaar heeft vrijwel altijd open flanken. Twijfel je? Houd bij vervanging het profiel en de bouw gelijk aan wat er nu op zit.

Vervangen en spannen: doe het in één keer goed

De beste snaar levert niets op als hij verkeerd wordt gemonteerd of gespannen. Houd je aan deze regels:

  1. Meng nooit oud en nieuw. Een oude, opgerekte snaar naast een nieuwe verdeelt de last ongelijk; de nieuwe krijgt te veel te verduren en gaat vroegtijdig kapot.
  2. Vervang de complete set tegelijk. Bij aandrijvingen met meerdere snaren zet je ze allemaal nieuw, het liefst van hetzelfde type en dezelfde fabrikant (een matched set). Bekijk daarvoor de kant-en-klare V-snaar sets.
  3. Alle snaren op één poelie moeten identiek van type en profiel zijn.
  4. Zet de juiste voorspanning. Te los geeft slip, warmte en glazing (een verglaasde flank); te strak belast de lagers en de as en versnelt de slijtage. Controleer en herspan na de eerste inlooptijd.

Weet je profiel en lengte? Dan vind je jouw maat direct in het assortiment V-snaren, of kies een complete V-snaar set zodat je in één keer alles vervangt. Wil je meer weten over correct meten? Lees dan ook hoe je een aftakas opmeet en waar je op let bij bouten en schroefdraad meten.

Veelgestelde vragen

Hoe meet ik een V-snaar op zonder de oude snaar?

Leg een touwtje strak over de poelies heen, door de groeven, precies zoals de snaar loopt. Meet daarna het touwtje: dat is de binnenlengte (Li). Bepaal het profiel door de breedte en diepte van de poeliegroef te meten en op te zoeken in de profieltabel.

Hoe weet ik welk V-snaar profiel ik nodig heb?

Meet de bovenbreedte en de hoogte van de oude snaar en zoek die op in de profieltabel. Een bovenbreedte van 13 mm en hoogte van 8 mm is bijvoorbeeld een klassiek A-profiel (profiel 13). Staat er een code op de snaar, lees dan de letter af, dat is meteen het profiel.

Wat betekent de X in een code als AX of XPA?

De X staat voor een getande snaar met ingefreesde dwarsgroeven aan de onderzijde en open flanken. Die is flexibeler, kan om kleinere poelies, loopt koeler en is iets efficiënter dan een gladde, gewikkelde snaar met hetzelfde profiel.

Wat is het verschil tussen binnenlengte, werklengte en buitenlengte?

Li is de binnenlengte, Ld of Lw de werklengte (gemeten ter hoogte van de trekkoorden, ook richt- of steeklengte genoemd) en La de buitenlengte. Er geldt altijd Li < Ld < La, en de verschillen zijn profielafhankelijk. Klassieke codes gebruiken de binnenlengte, smalprofielcodes de werklengte, vergelijk daarom altijd op dezelfde maat.

Mag ik één versleten snaar vervangen in een set van meerdere?

Nee. Een nieuwe snaar naast oude, opgerekte snaren verdeelt de trekkracht ongelijk. Vervang bij meervoudige aandrijvingen altijd de hele set in één keer, met snaren van hetzelfde type en dezelfde fabrikant.